Programma 1 Groen en Water

Inleiding

De provincie Zuid-Holland draagt zorg voor een toekomstbestendig waterveiligheidsbeleid dat duurzame ruimtelijke en economische ontwikkelingen in haar regio versterkt. De provincie Zuid-Holland streeft naar een sterke en toekomstbestendige kust en keringen die (blijven) voldoen aan de norm.

De provincie Zuid-Holland wil een goede kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater en voldoende zoet water bereiken en behouden. De inzet voor alle zwemwaterlocaties is om in 2015 een aanvaardbare oppervlaktewaterkwaliteit te hebben en dat zoveel mogelijk locaties een goede of uitstekende kwaliteit hebben. Voor zoet water is het doel om te komen tot een duurzame zoetwatervoorziening voor alle afnemers.

In deze collegeperiode wordt prioriteit gegeven aan de groengebieden om de stad. De provincie Zuid-Holland legt nieuwe groengebieden aan en draagt zorg voor de bereikbaarheid en toegankelijkheid van recreatie- en natuurgebieden. Hierbij gaat het ook om recreatief gebruik van landelijk gebied en erfgoedlijnen (Landgoederenzone, Oude Hollandse Waterlinie, Waterdriehoek Kinderdijk / Dordrecht / Biesbosch, etc.). Naast deze prioriteit staat in 2014 ook de efficiëntie van beheer van recreatiegebieden centraal. In 2014 worden de proefprojecten en de mogelijkheid om te komen tot nieuwe modellen van beheer geëvalueerd.

Naast de afronding van de recreatieopgave om de stad ligt de nadruk nog sterk op het afronden en verbeteren van ontbrekende schakels in het recreatief netwerk. De provincie streeft naar een robuust groen netwerk waarvan het beheer structureel geregeld is en die aantrekkelijk is voor brede doelgroepen.

De provincie Zuid-Holland zet zich in om de (herijkte) Ecologische Hoofdstructuur te realiseren. Hierbij ligt de prioriteit op de instandhouding van de doelen van de Natura-2000-gebieden en de Europese Kaderrichtlijn Watergebieden (Internationale verplichtingen).

De provincie wil de diversiteit van de waardevolle en aantrekkelijke landschappen in Zuid-Holland, zoals de veenweidegebieden, de kleipolders en de droogmakerijen, ontwikkelen en behouden.

Voor de doelen 1.1 en 1.2 gaat in 2014 speciale aandacht uit naar het Nationaal Deltaprogramma en de programmering van de KRW-maatregelen (in samenhang met de EHS / Natura2000). Dit programma resulteert in 2014 in vijf deltabeslissingen die gezamenlijk het lange-termijn waterbeleid bepalen. Voor de provinciale inzet is een strategische agenda, die jaarlijks wordt geactualiseerd, leidend. Daarnaast staat de uitvoering van de afspraken in de Wateragenda 2012-2015, die samen met de waterschappen zijn gemaakt, centraal.

Voor de doelen 1.3, 1.4 en 1.5 geldt dat in de afgelopen jaren veel stappen zijn gezet om te komen tot de uitvoering van het decentralisatieakkoord Natuur. De nieuwe natuurwet is daarbij het sluitstuk van de nieuwe rolverdeling tussen Rijk en provincies. In 2014 zal de provincie haar nieuwe rol met nieuwe taken moeten gaan waarmaken. Dit vraagt onder andere een grotere betrokkenheid bij beleidsvorming en uitvoering op Europees niveau.

 
 

Middeleninzet programma 1

Exploitatie

(bedragen x € 1.000)

Begroot 2014

Raming 2015

Raming 2016

Raming 2017

Lasten

151.004

113.526

94.411

76.719

Baten

78.344

36.578

34.776

34.126

Resultaat voor bestemming

-72.660

-76.948

-59.636

-42.593

Onttrekking reserves

16.638

11.824

14.853

431

Storting reserves

10.450

423

75

0

Resultaat na bestemming

-66.472

-65.548

-44.858

-42.162

Incidentele lasten en baten

(bedragen x € 1.000)

Begroot 2014

Raming 2015

Raming 2016

Raming 2017

Incidentele lasten

89.576

52.798

33.659

15.987

Incidentele baten

57.174

15.408

13.606

12.956

Resultaat voor bestemming

-32.402

-37.390

-20.053

-3.031

Onttrekking reserves

16.638

11.824

14.853

431

Storting reserves

10.450

423

75

0

Resultaat na bestemming

-26.213

-25.989

-5.275

-2.600

Middeleninzet programma 1

Exploitatie

(bedragen x € 1.000)

Begroot

2014

Bijstelling Voorjaarsnota

Bijstelling Najaarsnota

Bijgestelde

Begroting 2014

Lasten

151.004

24.817

0

175.821

Baten

78.344

-54.115

0

24.229

Totaal saldo van baten en lasten

-72.660

-78.932

0

-151.592

Onttrekking reserves

16.638

23.802

0

40.441

Storting reserves

10.450

790

0

11.240

Resultaat

-66.472

-55.919

0

-122.391

Middeleninzet programma 1

Exploitatie

(bedragen x € 1.000)

Begroting 2014

Bijstelling Voorjaarsnota

Bijstelling Najaarsnota

Bijgestelde begroting 2014

Lasten

151.004

24.817

1.873

177.694

Baten

78.344

-54.115

22.937

47.166

Totaal saldo van baten en lasten

-72.660

-78.932

21.064

-130.528

Onttrekking reserves

16.638

23.802

-9.816

30.625

Storting reserves

10.450

790

10.670

21.910

Resultaat

-66.472

-55.919

578

-121.813

Inleiding/conclusie

Dit programma bevat de volgende doelen:

1.1 Zuid-Holland veilig tegen overstromingen

1.2 Voldoende schoon en zoet water

1.3 Toename recreatie in het groen binnen de provincie

1.4 Behoud van biodiversiteit

1.5 Ontwikkeling en behoud van waardevolle en aantrekkelijke agrarische landschappen

 

De provincie Zuid-Holland draagt samen met Rijk en waterschappen zorg voor een toekomstbestendig waterveiligheidsbeleid dat duurzame ruimtelijke en economische ontwikkelingen in haar regio versterkt. De provincie Zuid-Holland streeft naar een sterke en toekomstbestendige kust en keringen die (blijven) voldoen aan de norm.

Naast waterveiligheid wil de provincie Zuid-Holland een goede kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater bereiken en behouden. Bovendien is de aanwezigheid van voldoende zoet water van strategisch belang; het doel is om te komen tot een duurzame zoetwatervoorziening voor alle afnemers.

Waterveiligheid en zoet water zijn ook de centrale thema's van het Deltaprogramma waaraan de provincie de afgelopen jaren heeft meegewerkt. In het Deltaprogramma heeft de provincie Zuid-Holland Zoetwatermaatregelen ingebracht die leveringszekerheid van zoetwater in de provincie verbeteren. In de Deltabeslissing is opgenomen dat de provincie het initiatief neemt bij de uitwerking van een regionaal zoetwatervoorzieningenniveau.

Voor de doelen 1.1 en 1.2 is speciale aandacht besteed aan de Wateragenda 2012-2015 en hieruit voortvloeiend de relatie tussen provincie en waterschappen, waarbij het zwaartepunt in de relatie tussen waterschap en provincie is verschoven van Toezicht naar Samenwerking. De investerings- en uitvoeringskracht van de waterschappen zal de komende jaren nog beter worden verbonden met de provinciale opgaven.

In deze collegeperiode is prioriteit gegeven aan de groengebieden om de stad. Prioriteit is gelegd bij ontbrekende schakels in het recreatief netwerk, aantrekkelijke verbindingen tussen de stad en het groen en het structureel regelen van het beheer. De afronding van de aanleg van recreatiegebieden om de stad is voor een groot deel overgedragen aan regionale partijen. De afgelopen jaren is de provincie gestart met een nieuwe werkwijze in de gebieden: minder gericht op het realiseren van losstaande sectorale projecten, maar meer op het verbinden van doelen en initiatieven tot samenhangende programma's en projecten. Naast deze prioriteit staat ook de efficiëntie van beheer van recreatiegebieden centraal. Er heeft een tussenevaluatie plaats gevonden met betrekking tot de proefprojecten en de mogelijkheden om te komen tot nieuw modellen beheer.

In de afgelopen periode zijn de natuurtaken naar de provincie gedecentraliseerd. De aanleg van de (herijkte) Ecologische Hoofdstructuur is hier onderdeel van. De programmering van de Ecologische Hoofdstructuur is gereed, evenals afspraken met de regio's over rollen en verantwoordelijkheden. De prioriteit ligt bij de internationale verplichtingen: de instandhouding van de doelen van de Natura-2000-gebieden en het bereiken van de doelen in de Europese Kaderrichtlijn Watergebieden.

De provincie wil de diversiteit van de waardevolle en aantrekkelijke landschappen in Zuid-Holland, zoals de veenweidegebieden, de kleipolders en de droogmakerijen, ontwikkelen en behouden. Daarvoor investeert zij in agrarisch ondernemerschap en de kwaliteit van landschap en natuur. Ook investeert zij in initiatieven die leiden tot innovatie bij de grondgebonden landbouw, verbetering van de agrarische structuur en het behouden/versterken van een vitaal en aantrekkelijk platteland.

 
Middeleninzet programma 1

Exploitatie

(bedragen x € 1.000)

Jaarrekening 2013

Oorspron-kelijke Begroting 2014

Wijzigingen Voorjaarsnota

Wijzigingen Najaarsnota

Begroting na wijziging

Rekening 2014

Vergelijk Begroting na wijziging Rekening 2014

Lasten

150.989

151.004

24.817

1.873

177.694

176.806

888

Baten

164.803

78.344

-54.115

22.937

47.166

56.824

9.657

Totaal saldo van baten en lasten

13.814

-72.660

-78.932

21.064

-130.528

-119.982

10.546

Onttrekking reserves

15.163

16.638

23.802

-9.816

30.625

27.009

-3.615

Storting reserves

83.134

10.450

790

10.670

21.910

21.258

652

Resultaat

-54.156

-66.472

-55.919

578

-121.813

-114.231

7.582